DeutschEAUTARCIEEnglishEAUTARCIEEspañolEAUTARCIEFrançaisEAUTARCIEMagyarEAUTARCIENederlandsEAUTARCIE
Eautarcie - Joseph Országh Site d'information basé sur les travaux de Joseph Országh Site d'information basé sur les travaux de Joseph Országh
Eautarcie EAUTARCIE Eautarcie- Joseph Országh
HomepageInleidingEcologische afwateringRegenwater opvangenZuivering van grijs waterWaterloze toilettenEAUTARCIE wereldwijdHet gezamenlijke beheer van water en biomassaBezinningen over waterbeleidSitemap EAUTARCIE, Duurzaam waterbeheer voor de wereld
Waterloze toiletten
Een waterloos toilet gebruiken

De moeilijke relatie met onze ontlasting

Strontcultuur – De Heilige Stront

Altijd weer uitvluchten

Drie generaties waterloze toiletten

Gebruiksaanwijzing voor het BST
De chemische samenstelling van stoelmest
Stoelmest composteren
Het BST in de handel

«Zei de heilige: Aanvaard al het vuil van het koninkrijk, Dan word je meester over de grond en het graan.»

Lao-Tseu, Tao-Tö king hoofdstuk 78

In verband met onze culturele kijk op onze eigen mest, is het leerzaam volgende tekst te lezen. Jammer genoeg zijn alle excuses goed om geen actie te moeten ondernemen. Om hiervan voorbeelden te bekijken, klik hier.

Eerste publicatie van de tekst in het Frans op de huidige pagina op www.eautarcie.com: 2004

Aanpassing van de originele tekst en eerste publicatie van de huidige pagina op www.eautarcie.org: 2012-03-06

Bijgewerkt: 2012-03-06

De moeilijke relatie met onze ontlasting

De gezondheid van de bodem bepaalt ook de onze

De groene revolutie van de 20e eeuw heeft de landbouw naar een onhoudbare toestand geleid, terwijl de doelstelling juist was om de hongersnood uit het verleden voorgoed uit de wereld te helpen. Deskundigen beseffen nog niet goed dat het probleem zijn oorsprong vindt in de wens om de voedselproductie te «domineren», om het maximale rendement uit de aarde te halen. De opbrengst per hectare is een soort obsessie geworden voor landbouwtechnici. De invoering van synthetische meststoffen heeft automatisch de behoefte aan fytosanitaire producten meegebracht. Deze hebben de landbouwecosystemen zodanig vernield en geplunderd dat velen zich vandaag afvragen of het overgaan naar de ultieme fase in de vernieling van het landbouwmilieu door de introductie van genetisch gemanipuleerde organismen, nog wel verantwoord is. Dit duivelse raderwerk heeft inmiddels al veel spectaculaire gezondheidsproblemen veroorzaakt, maar het lijkt er sterk op dat het ergste nog moet komen.

Ik heb vaak discussies gevoerd met collega’s uit de faculteit agronomische wetenschappen omtrent voedselproductie. Zij komen telkens weer aandraven met het argument dat, zonder de moderne intensieve landbouwmethoden, de mensheid veel honger zou lijden. Persoonlijk denk ik dat het probleem niet zomaar tot productiecijfers te herleiden valt. De opbrengsten in de landbouw zijn wel degelijk gestegen, maar men vergeet al te vaak dat:

Toen ik de instructies las die een landbouwer kreeg toen hij een grondstaal voor analyse in een gespecialiseerd labo binnenbracht, geloofde ik mijn ogen niet. De landbouwer had vooraf een vragenlijst ingevuld met betrekking tot de verkregen oogsten en de geplande teelt op dat stuk land.

De analyse had betrekking op de voedingselementen (stikstof, fosfor, kalium) en enkele sporenelementen (magnesium, mangaan, zink, koper, enz.). Om een optimale opbrengst te verzekeren voor de geplande teelt werd een nutriëntenbalans opgemaakt op basis van de analyse. Op die manier werd het aantal benodigde kilogram stikstof, fosfor, kalium, enz. bepaald.

Deze handelswijze verraadt een totale miskenning van de hechte relaties die bestaan tussen bodem en plant. De bodem is geen mineraal milieu waarin planten groeien die nood hebben aan voedingsstoffen. Vruchtbare aarde is een milieu waarin miljarden organismen in symbiose leven om de kieming en de ontwikkeling van planten te verzekeren die de basis vormen voor het leven op Aarde. De planten die de energie van de zon opslaan in de vorm van biomassa verbinden ons rechtstreeks met de kosmos [1]. Het is niet overdreven te stellen dat het geheel van organismen die in de bodem leven een soort levend wezen op zich vormen. Zonder hen en mét chemische meststoffen is de plant die zich ontwikkelt ziek, ook al lijkt dat niet zo. Een zieke plant trekt meteen ook parasieten aan. Op die manier treedt men binnen in de vicieuze cirkel van het gebruik van fytosanitaire producten. De gezondheid van de plant hangt af van die van de bodem.

[1]
Om zich verder te verdiepen in deze stelling die sommigen misschien wat vreemd in de oren klinkt, lees de «Cursus voor landbouwers» van Rudolf Steiner, uitgegeven bij de Editions Antroposophiques Romandes, Cf. ref. 2. De biodynamische landbouwers voor wie de «cursus voor landbouwers» zowat de «bijbel» is, hebben de neiging om de begrippen die Steiner lanceerde wat verkort weer te geven, waarbij ze dan stellen dat «de planeten de ontwikkeling van planten beïnvloeden». Steiner heeft het enkel over de beweging van planeten die een soort «kosmisch horloge» vormt dat bepaalde tijdstippen in die ontwikkeling weergeeft. Gedurende het miljard jaar dat er plantenleven is op Aarde, heeft hun bioritme zich aan de kosmische omgeving van de Aarde aangepast. Het hoeft dus geen verbazing te wekken wanneer men proefgewijs correlaties waarneemt tussen de stand van de planeten (en de maan) en de ontwikkelingstoestand (of eigenschappen) van planten.

We weten ook dat er zonder de planten geen dierlijk noch menselijk leven mogelijk is. Anderzijds zijn ook dieren onmisbaar voor planten: hun mest en hun stoffelijke resten voeden, samen met de planten, het geheel van levende wezens in de bodem. Zo is de cirkel rond. Wanneer één van de elementen van de ketting ziek is, heeft dat gevolgen voor de hele ketting.

De meeste culturen, waaronder onze eigen, kennen een fundamentele rol toe aan de aarde. De mens werd geschapen uit aardestof en keert na zijn dood tot aardestof terug. Is dit geen mooi voorbeeld van de grote natuurlijke cycli ? Onze houding tegenover aarde vormt een cruciaal element voor de toekomst van de mensheid. De Joods-Christelijke traditie heeft de schakel uit de ketting waarbij ook de mens terugkeert naar de aarde doorbroken door onze ontlasting af te schilderen als iets verfoeilijks. Deze ontsporing heeft dermate aanzienlijke gevolgen voor het leefmilieu dat men ze enkel kan vergelijken met de gevolgen van het broeikaseffect, te wijten aan de onverantwoorde omgang met onze fossiele brandstofreserves. Wetenschappelijk gezien heeft de opkomst van het hygiënisme in de 19e eeuw en van de sanitaire zuiveringsinstallatiebouw die houding sterk veranderd, jammer genoeg niet in de goede zin.

Onze afkeer voor onze eigen ontlasting

De kern van het probleem ligt bij de moeilijke relatie met onze ontlasting. In plaats van er een pragmatische visie tegenover te ontwikkelen, proberen we elke vorm van contact ermee letterlijk en figuurlijk weg te moffelen.

Volgens de overlevering is de slaap het beeld van de dood. Zo leidt ook ontlasting ons een beetje naar de wachtkamer van de dood, maar, zoals bij de slaap is die dood niet definitief, want hij is het beginpunt van nieuw leven.

Het gebruik van een BST geeft mee vorm aan ons gedrag, aan onze opvoeding tijdens de eerste jaren van ons leven. Van begin af aan leert het kind dat het zich moet hoeden voor zijn ontlasting, want deze is drager van ziektekiemen. Hij zal vaak «dat is vuil« te horen krijgen over zijn ontlasting. En de geur voortgebracht door de mest zal de uitspraak van de ouders nog kracht bijzetten. Vóór de leeftijd van 2 jaar zijn we al op talrijke punten «geformatteerd». Sommigen kunnen dit basisprogramma nog wijzigen, anderen niet [2].

[2]
Tijdens mijn toespraken over het BST, vertel ik vaak het verhaal van de kleine Florentine, wier ouders het BST vóór haar geboorte in gebruik hadden genomen. Ook toen ze nog heel klein was, zat er al strooisel in haar kleine nachtpot. Haar ouders, leden van de Vrienden van de Aarde, hadden het vaak over de «vervuiling van water». Florentine kreeg op die manier zicht op de zaak op haar eigen niveau. Op de leeftijd van 5 jaar, naar aanleiding van een bezoek bij vrienden, zag ze voor het eerst een spoeltoilet. Ze kwam onmiddellijk weer de badkamer uit, en vertelde aan haar moeder dat «er water in de pot zat». Haar moeder stelde haar gerust en zei haar dat het een pot met water was. Nog geen minuut later kwam Florentine weer uit het wc met de woorden «dat gaat helemaal niet». Toen haar moeder haar vroeg waarom, zei ze: «Maar men kan toch zomaar het water niet vervuilen, dat is verkeerd!». Ik vind dat deze kinderzin van meer wijsheid en gezond verstand getuigt dan de bijna gehele wetenschap van de sanitaire installatiebouw.

Zoals ook Joseph Jenkins het uitdrukt,

«Het probleem is niet van praktische, maar van psychologische aard. Velen beschouwen de idee om hun eigen ontlasting te composteren hun status onwaardig. In India werd deze taak toevertrouwd aan de «paria’s», de laagste kaste op de sociale ladder. De handeling waarbij men zijn eigen mest verwerkt is een daad van nederigheid, en nederigheid is een kwaliteit die zeldzaam geworden is.» [3]

[3]
Excerpt vertaald uit «The Humanure Handbook : A Guide to Composting Human Manure », dat wil zeggen «De handleiding der stoelmest: een gids voor het composteren van menselijke mest», blz. 155, Uitgeverij Joseph Jenkins Inc., 3e editie in 2005.

Uit die aangeleerde afkeer ontstaan de dwalingen die zich op het vlak van gezondheid, hygiëne, landbouw en sanitaire handelswijzen manifesteren. Op het einde van de rit betekent dit de vernietiging van ecosystemen. Deze dwalingen leiden tot de totale vernietiging en uiteenspatting van de eenheid gevormd door de mens, de dieren, de planten, de bodem, het water en het leefmilieu. Met uitzondering van de energieproblemen, vinden bijna alle leefmilieuproblemen hun oorsprong in deze fundamentale vergissing.

Het hygiënisme: de ideologie van de onhoudbare ontwikkeling

Hygiënisme en gezondheid

De afkeer voor ontlasting heeft een visie tot stand gebracht die ver van de werkelijkheid staat inzake de verbanden tussen micro-organismen en ziekte. Terwijl men het hele arsenaal aan technieken uit de biologie en de geneeskunde heeft ingezet om te bewijzen dat het merendeel van de ziekten die de mensheid treffen, zijn oorsprong vindt in deze microscopische wezens die zich in menselijke en dierlijke ontlasting bevinden, is men een beetje uit het oog verloren dat ons immuunsysteem gedurende duizenden generaties genetisch geprogrammeerd werd om in een dynamisch evenwicht met deze microscopische wezens te leven. Hoe op synthetische biociden te reageren maakt daarentegen geen deel uit van die programmatie. Artsen die allergische aandoeningen behandelen weten er wellicht over mee te praten. De gevaarlijkste micro-organismen teisteren uitgerekend het ziekenhuismilieu, dus juist daar waar het hygiënisme voorgeschreven is.

De hygiënistische visie heeft geleid tot een onvervalste catastrofe op het vlak van waterbeheer in de wereld. Los van het drinkwaterprobleem, is men door deze visie water gaan beschouwen als een product dat zuivert, wast en alle vuiligheid wegvoert. Daarbij is men echter vergeten dat het water bij het meevoeren van onze «vuiligheid» zelf ook vervuild geraakt.

Het afvalwaterbeheer

Geen probleem – zeggen de technici van de sanitaire installatiebouw – we gaan het zuiveren. Op basis van deze beslissing begint men dan een hele reeks verkeerde technische keuzes te maken die van het water in de wereld een politiek, economisch en leefmilieuprobleem van de eerste orde maken. Het ergst van al daarbij is dat de industriële promotoren van deze technieken, door lobbywerk bij ambtenaren en politici, de wetgeving rond water in de wereld muurvast hebben gezet, waardoor gelijk welke andere techniek die op een meer realistische visie gestoeld is, geen kans krijgt om zich te ontwikkelen. Het sedert meer dan een eeuw door het hygiënistische gedachtengoed geïndoctrineerde en gedesinformeerde grote publiek vormt de garantie dat het geïnstitutionaliseerde wanbeheer op het vlak van water kan blijven bestaan. We zijn in een steeds groter wordende spiraal van vervuiling annex zuivering verzeild geraakt waarbij de steeds schaarser wordende waterbronnen geleidelijk aan in handen komen van diegenen die het als drukkings- en overheersingsmiddel zullen gebruiken.

Om te beginnen moet men er zich bewust van worden dat menselijke en dierlijke mest geen afval is waar men van af moet geraken onder het mom van zuivering of verwijdering, maar dat die mest integraal deel uitmaakt van de biosfeer. Hij vormt de schakel die ons met de aarde verbindt. De gezondheid van de aarde hangt ervan af en zal bepalend zijn voor het voeden van de toekomstige generaties en misschien zelfs voor de mogelijkheid tot leven überhaupt op deze planeet.

Deze idee is niet nieuw. Wat zei dienaangaande, meer dan een eeuw geleden, Victor HUGO in «Les misérables» ?

«Parijs loost jaarlijks 25 miljoen liter water. En dat is geen beeldspraak. Hoe en op welke manier? Dag en nacht. Met welk doel? Zonder enig doel. Bewust? Zonder nadenken. Om wat te doen? Zomaar. Met behulp van welk orgaan? Met behulp van zijn ingewanden. Welke ingewanden? Zijn riool. 25 miljoen, dat is het meest gematigde benaderende getal dat de evaluaties van de speciale wetenschap weergeven. De wetenschap, na lang in het duister te hebben getast, weet vandaag dat de meest vruchtbare en meest doeltreffende meststof de menselijke mest is. De Chinezen, moeten we tot onze schaamte toegeven, wisten dit al vóór ons. Geen plattelandschinees, zo zegt Eckelberg het, gaat naar de stad zonder twee volle emmers van wat wij vuil noemen, mee te dragen aan de uiteinden van zijn bamboestok. Dankzij de menselijke mest is de Chineze bodem nog net zo jong als ten tijde van Abraham. De Chinese tarwe levert een opbrengst van honderdtwintig keer het zaad. Geen enkele guano kan qua vruchtbaarheid tippen aan het vuil van een hoofdstad. Een grote stad is de krachtigste mestleverancier. De stad gebruiken om het platteland te bemesten, het zou met zekerheid een succes zijn. Als ons goud mest is, dan is onze mest ook goud. Wat doet men met dit bruine goud ? ... Men veegt het de afgrond in. Men stuurt zeer kostelijke konvooien met vaartuigen naar de zuidpool om er de vogelpoep van stormvogels en pinguïns te oogsten, en het onschatbare element van overvloed dat men bij de hand heeft, stuurt men naar de zee. Alle menselijke en dierlijke mest die verloren gaat in de wereld zou volstaan om de hele wereld te voeden indien men hem aan het land zou toevoegen in plaats van hem in het water te gooien. Die vuilnishoop bij iedere paal, die stortkarren met slib die ‘s nachts door de straten donderen, die afschuwelijke tonnen op de wegen, die stinkende ondergrondse afvoerbuizen (N.B. het gaat over riolen), weten jullie wat die zijn? Dat zijn bloeiende prairieweiden, dat is groen gras,dat is tijm en salie, dat is wild, dat is vee, dat is het tevreden geloei van grote runderen ‘s avonds, dat is welriekend hooi, dat zijn goudgele graanhalmen, dat is het brood op uw tafel, dat is het warme bloed doorheen onze aderen, dat is gezondheid, dat is vreugde, dat is leven. Zo wil deze mysterieuze schepping het die de transformatie is op de bodem en de transfiguratie in de hemel.»

Laat ons voor de alledaagse praktijk zeggen dat menselijke mest (wc’s) en dierlijke mest (grondloze veeteelt) niet thuis horen in water. De verspilling veroorzaakt door lozing ervan in water is oorzaak nummer één van de aftakeling van onze ecosystemen waarin water hoe langer hoe zieker is en hoe langer hoe schaarser wordt. Daarom is het principe van zuivering zelf van stedelijk afvalwater onverenigbaar met het begrip duurzame ontwikkeling.

Lees in dit verband de hoofdstukken gewijd aan ecologisch sanitair beheer.

Om verder te lezen, ga naar het hoofdstuk over De drie generaties waterloze toiletten.

BOVEN

Home - Inleiding - Ecologisch sanitair beheer en EAUTARCIE - Regenwater opvangen - Grijswaterbeheer - Waterloze toiletten - EAUTARCIE wereldwijd - Het gezamenlijke beheer van water en biomassa - Bezinningen over waterbeleid - Sitemap